De Joint Strike Fighter doorgelicht

10 januari 2014

Medio februari verschijnt bij Uitgeverij Boom (Amsterdam) het boek Dossier-JSF. Joint Strike Fighter, het megaproject, de politiek, de aankoop. De auteur is militair-historicus Christ Klep, docent aan de Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica van de UvA. Geen ander groot stuk militair materieel is zo verankerd geraakt in het Nederlandse collectieve bewustzijn, uitgezonderd wellicht de kruisraketten of de neutronenbom.

Het JSF-project startte in het midden van de jaren negentig en leek zeer veelbelovend: een betaalbare en veelzijdige straaljager voor de VS en andere Westerse landen. Fabrikant Lockheed-Martin beloofde een toestel van een geheel nieuwe generatie, inclusief stealth (moeilijk te ontdekken voor radar) en een superieur pakket sensoren dat de piloot een ‘God’s eye view of the sky’ zou geven.

Ook Nederland tekende al vroeg in op de JSF als opvolger voor de verouderende F-16. Het Nederlandse bedrijfsleven schetste vergezichten vol mooie compensatieorders en werkgelegenheid. Voor de luchtmacht was één ding duidelijk: het moest en zou de JSF worden. Een Europees alternatief was eigenlijk ondenkbaar. De VVD zag het project helemaal zitten als een ambitieus staaltje industriepolitiek, dat ook nog eens de Nederlandse luchtvaartindustrie op de been zou houden na het faillissement van Fokker in 1996. Het was vooral de PvdA die het moeilijk had met de keuze voor de JSF. Dit terwijl het toch de regering-Kok was geweest die het principebesluit nam om voor de Joint Strike Fighter te gaan.

Een reeks technische tegenslagen, vertragingen en kostenstijgingen dempte echter al snel de verwachtingen. Veel landen heroverwogen hun oorspronkelijke bestellingen. Eind 2013 koos minister van Defensie Hennis voor  de aankoop van 37 JSF’s. Dat was een aanzienlijk lager aantal dan de ooit gedachte 85. Anno 2014 is de vertraging opgelopen tot zes à zeven jaar. De eerste Amerikaanse squadrons nemen de JSF pas in 2015 in gebruik. Intussen vragen velen zich af of dit wel het juiste toestel is voor de juiste prijs. Maar dat lijkt het hele project niet te deren: de politieke en financiële belangen zijn inmiddels zo groot, dat de JSF een soort ‘too big too fail’-status lijkt te hebben gekregen. Dit boek ontrafelt de dynamiek achter het grootste Amerikaanse wapenproject ooit.