Gastspreker: Rob Wijnberg

9 februari 2016

‘Je vraagt je natuurlijk af: Wat kun je in godsnaam doen met filosofie? Heel goed beargumenteren waarom dat een domme vraag is!’ het startschot is gegeven voor het gastcollege van Rob Wijnberg. Voor de Bachelor Future Planet Studies is hij gevraagd zijn visie te geven op ‘Media in de toekomst’ voor het vak ‘Toekomstperspectief voor de Samenleving’ onder leiding van docent Maarten Reesink.

Van A naar B

‘Ik ben van Bedrijfskunde naar Nederlands, via de Toneelacademie uiteindelijk na de studie Filosofie, bij de krant terecht gekomen. Niet bepaald een directe lijn naar waar ik nu zit. Ik ben altijd gefascineerd geweest door de werkelijkheid met zijn totaal haaks op elkaar staande perspectieven. Bij Filosofie kreeg ik allerhande inzichten hierover aangereikt en kreeg ik een beter begrip voor mensen die heel anders dan ikzelf denken.’

‘Nieuws is een waardeloos product’

‘Werken bij de krant heb ik nooit gezien als mijn droombaan. Ik had de omgekeerde carrière. Ik begon direct met een column bij de Telegraaf om hierna te leren hoe je een krant opzet. NRCnext was vervolgens een heel logische plek voor mij om te solliciteren, ik was immers zélf de doelgroep van de krant. Schrik niet, maar de gemiddelde krantenlezer is 61 jaar, de mensen die hem maken 50.
NRCnext wilde een hoger opgeleid veel jonger publiek. Maar een krant voor die doelgroep is allang geen middel meer. Ik wilde dan ook niet vertellen wat er gisteren was gebeurd, maar het ‘nu’ naar een digitaal platform brengen. Al gauw kwam ik erachter dat ik een totaal andere nieuwsfilosofie er op nahield: nieuws is een waardeloos product, het belooft een blik op de wereld te geven, maar het omgekeerde is waar. Je kunt niet weten wat er allemaal speelt in de wereld. Nieuws gaat over de uitzonderingen op de regel. Met andere woorden door het nieuws te volgen weet je meer over wat er over het algemeen níet is gebeurd.’

Schamele weergave van de werkelijkheid

Volgens Wijnberg moet al het nieuws tegenwoordig een ‘haakje’ hebben. ‘De meeste media hebben geen ruimte voor langdurige ontwikkelingen. Hierdoor wordt je wereldbeeld triviaal. Bijvoorbeeld,  klimaatontwikkeling komt nooit op de hoofdpagina, omdat dit een te langlopende ontwikkeling is. Dit in combinatie met het feit dat media naar elkaar kijken zorgt voor een continue herhaling van de waan van de dag.’ ‘is dit erg dan?’ Vraagt een studente. Wijnberg legt uit, ‘nieuws bepaalt het beeld van andere mensen, ons stemgedrag, of driekwart van de Kamervragen en is dus heel invloedrijk. Je kunt je voorstellen dat er dan alleen beslissingen gebaseerd op de korte termijn worden genomen. Nieuws behoort de werkelijkheid niet zo schamel weer te geven.’
Een student merkt op dat de verantwoordelijkheid dan toch bij politici ligt en niet bij de media? Wijnberg vervolgt ‘Ja dat zou je kunnen zeggen, maar een politicus is ook weer afhankelijk van de media of het nieuws. Als je kijkt naar de VS en bijhoudt hoe vaak Donald Trump in het nieuws verschijnt en dit  vergelijkt met de peilingen dan komen deze behoorlijk overeen. Of het Kamerdebat over vluchtelingen. Gedurende het debat werd Geert Wilders steeds onrustiger. Dit kwam omdat hij persé vóór acht uur gesproken wilde hebben. Zo had hij meer kans om het journaal te halen. Politici die dit het minst doen die ken je niet en daar stem je dus niet op.

Context bieden

‘Is het als mens dan überhaupt nog mogelijk een completer wereldbeeld te krijgen?’ vraagt een cynische student. Wijnberg ziet het ook somber in ‘een bol kun je niet in zijn volledigheid zien. Je probeert met het bieden van context en nuance de nieuwswaardigheid te verhogen voor een bepaald thema.  Context daarentegen staat haaks op nieuwswaardigheid. Hoe meer context je toevoegt hoe minder nieuws er uiteindelijk overblijft.’
Ik geef je een voorbeeld, er zijn 9000 verkeersslachtoffers per jaar bij de Politie. Hier schrik je in eerste instantie misschien van, maar is dit veel, weinig of heb je meer informatie nodig om het bericht goed te kunnen plaatsen in de realiteit? Als ik nu meer context biedt, dan kom je erachter dat de Nederlandse Politie relatief best veilig rijdt in het verkeer. Maar dat is geen spectaculair nieuws. Het is gelukkig niet altijd zo dat wanneer je context biedt er geen urgentie meer is voor het onderwerp.’

De leercurve van de lezer

Hoe gaat het platform ‘de Correspondent’ om met de machtsverschuivingen in de media of de veranderende nieuwsbehoefte? ‘Onze inhoud is anders georganiseerd. De correspondenten bepalen wanneer ze ergens over willen schrijven. Er is wel een criterium dat het onderwerp maatschappelijke relevantie heeft, maar niet dat het actueel moet zijn. We hebben veel aan de expertise van leden. De correspondent zelf reageert ook altijd op de reacties. De correspondent wil samen met lezers meer weten over bepaalde onderwerpen, ‘procesjournalistiek’ wordt dit ook wel genoemd. We proberen mensen mee te nemen in een bepaalde leercurve. Joris Luyendijk begint bijvoorbeeld zijn verhaal als leek en zo word je samen met hem iets wijzer van de bankensector. Wat mij betreft is dát de toekomst, de lezer beter informeren zodat mensen een genuanceerder beeld van de wereld krijgen.’

Gepubliceerd door  Instituut voor Interdisciplinaire Studies