Hacking Healthcare en Design Thinking

Het vormgeven van een vak is een ontwerpoefening op zich

9 februari 2016

Tim van de Grift (arts-onderzoeker) en Renske Kroeze (psycholoog en consultant) ontwikkelde in samenwerking met het Instituut voor Interdisciplinaire Studies, de Gerrit Rietveld Academie en diverse zorginstellingen de interdisciplinaire module Hacking Healthcare. Hierin analyseren en herontwerpen o.a. geneeskunde-, psychologiestudenten samen met peers van de kunst- en designacademie, patiënten en professionals de gezondheidszorg.

De gezondheidszorg staat voor grote uitdagingen. Vergrijzing, impact van chronische ziektes op iemand zijn persoonlijke leven, de veranderende rol van zorg door nieuwe technologische mogelijkheden. Of het verlagen van de gezondheidszorg-kosten tegenover het verbeteren van het aanbod aan zorg. Nieuwe benaderingen zijn nodig om deze vraagstukken het hoofd te bieden

Aan de hand van de Design Thinking methode, voor onderwijs voor het eerst ontwikkeld door de Stanford University, werd stap voor stap op praktische manier aandacht besteed aan verschillende onderzoeksmethoden, het belang van maken en de samenwerking met andere disciplines en gebruikers. Door de fasen van Inspiration, Ideation and Implementation achtereenvolgens te doorlopen en je echt te laten doordringen van de behoefte van de gekozen doelgroep werd er in deze drie fasen toegewerkt naar de ‘Desired Output’.

Hoe is de ontwikkeling van deze module verlopen? ‘Zie het vormgeven van zo'n vak als een ontwerpoefening op zich; in welke behoefte wil je voorzien bij de studenten? En in welke bij de opdrachtgever? De eerste ronde was niet perfect, maar we waren niet bang om fouten te maken en te improviseren’, aldus Tim van de Grift.

Kaders versus vrijheid

‘Het was de kunst om te balanceren tussen structuur en flexibiliteit; in het begin zijn er kaders geschetst (methodologie, welke fases doorloop je, wat wordt er van je verwacht) en naarmate de module verder vorderde gingen de studenten hun eigen ervaringen vormgeven. Hierbij waren de eigenschappen van de deelnemende student zeer belangrijk. Zonder brede interesse, lef en communicatieve vaardigheden kwam je niet verder. Karakter was misschien nog wel belangrijker dan alleen maar kennis.’ Volgens van de Grift betekent dit niet dat er geen sturing meer nodig was, want op sommige momenten moesten groepen verplicht convergeren ‘anders werd het te lastig om op bepaalde momenten nog plenair kennis te delen.’

Werkplan

Van de Grift legt uit dat het proces drie fasen kende. ‘De eerste fase Ideation richt zich op empathie en begrip, voor wie ontwerpen we? In welke context beweegt deze persoon zich? Vervolgens convergeer je al deze informatie tot een probleemstelling en geef je een vervolg in de fase Ideation, het ontwikkelen van ideeën. Tot slot ben je bezig met Implementation en ga je op zoek naar praktische regels van de context en kijk je hoe je idee gaat landen bij je omgeving. Dit is een echte verdiepingsfase. Er is veel ruimte voor kennisuitwisseling en adviezen van mede- studenten.

Toetsing

‘De toetsing van deze module richtte zich niet alleen op de uitwerking van de probleemanalyse maar ook op complete het proces. Dit hield in dat we keken naar de ontwikkeling van een eigen denkkader ten opzichte van anderen of het gebruik van de methodologie als geheel. Met als doel extra inzichten opdoen, de kennis aan hun eigen studie meten en een kritische mening ontwikkelen ten opzichte van bijvoorbeeld de opdrachtgever.

Academische vaardigheden kwamen aan bod via de ‘flipped classroom’ methode.’

Valkuilen

Naast het managen van de verwachtingen van de opdrachtgevers en studenten wijst van de Grift er op dat het soms lastig was een goede match tussen studenten binnen een groep te vinden. ‘Wanneer studenten in een groep stopten, raakte de rest gedemotiveerd en moet je de ‘spirit’ weer zien terug te krijgen’. Volgens van de Grift was dit echter niet de grootste valkuil ‘uitkomsten beoordelen buiten je eigen referentiekader bleek nog het moeilijkst te zijn. Het durven loslaten en je laten verrassen door de resultaten was misschien de grootste uitdaging voor onszelf als docent’.

Gepubliceerd door  Instituut voor Interdisciplinaire Studies