Docent Uitgelicht: Evangelos Kanoulas

‘Als studenten je verrassen door een richting in te slaan die je zelf nog niet had bedacht, dan geeft dat veel voldoening.’

24 februari 2017

Evangelos Kanoulas doceert vakken op het gebied van Data Mining en Information Retrieval in de bachelor- en masteropleidingen voor Informatiekunde en in de master Artificial Intelligence. Hij is ook coördinator van de mastertrack Data Science. Zijn onderzoek is gericht op het optimaliseren van zoekfuncties in professionele domeinen met complexe informatiebehoeften.

Speld in een hooiberg

‘Hoe vind je een speld in een hooiberg? Dat is in zekere zin waar mijn vakgebied over gaat,’ legt Evangelos Kanoulas uit. We kennen allemaal wel de ongecompliceerde zoekopdracht op internet. Kanoulas houdt zich echter meer bezig met het vinden van informatie in professionele domeinen, zoals in rechten, geneeskunde of communicatiewetenschap. ‘Wanneer je iets googelt, ben je meestal tevreden met de eerste resultaten die naar boven komen. Maar in professionele settings zijn de zoekopdrachten gecompliceerder. Het kost vaak veel tijd om de juiste informatie te vinden en hiervoor zijn slimmere algoritmen nodig.’

100 datasets

In de mastertrack Data Science, die Kanoulas coördineert, leren studenten omgaan met alle aspecten van dit soort vraagstukken. Onlangs bracht hij met een groep studenten een bezoek aan het DataLab van de gemeente Amsterdam. De studenten kregen 100 datasets, met de vraag te helpen bij het identificeren en oplossen van problemen met afval in de stad. ‘We kregen dus geen mooie schone dataset. En zo gaat het meestal in de praktijk. De hoeveelheid data is gigantisch en enorm heterogeen, de gegevens komen in allerlei formats en uit verschillende bronnen. Als datawetenschapper moet je met mensen praten om te begrijpen wat voor informatie er in de data zit en vervolgens moet je uitzoeken welk deel van de data nuttig is. En dan pas kun je eens gaan nadenken over de algoritmen.’

Evangelos Kanoulas bord

Verschillende achtergronden

De studenten die deze track doen, hebben verschillende achtergronden, waaronder psychologie, luchtvaartstudies, natuurkunde, wiskunde en computerwetenschappen. ‘Voor computerwetenschappers is het soms lastig te bepalen wat de belangrijke maatschappelijke vraagstukken zijn. Maar deze studenten komen met de nieuwsgierigheid en vragen vanuit allerlei vakgebieden. Wij trainen hen om die vragen te beantwoorden met de beschikbare middelen in de computerwetenschappen.’

De interactie met deze studenten verruimt ook de geest van Kanoulas zelf. ‘Wat ik altijd leuk vind aan lesgeven, is te zien hoe studenten de kennis die jij probeert over te brengen tot zich nemen en erop voortborduren. Wanneer het vervolgens echt hun kennis wordt, wanneer ze zich die kennis eigen maken en ze je verrassen door een richting in te slaan die je zelf nog niet eens bedacht had, dan geeft dat echt heel veel voldoening.’

Niemand achterop laten raken

Heterogeniteit levert echter ook een van de grootste uitdagingen op. ‘Het is voor een docent erg moeilijk om goed met verschillen in vaardigheden om te gaan. Aan de ene kant wil je niemand achterop laten raken, want iedereen heeft potentie – ook al hebben ze een andere lesmethode nodig of meer tijd – maar aan de andere kant wil je de uitblinkers inspiratie blijven bieden.’

Tijdens zogeheten laptopbijeenkomsten probeert Kanoulas dit probleem te ondervangen. ‘Tijdens die sessies kun je mensen helpen die iets meer hulp nodig hebben, maar tegelijkertijd studenten die wat meer uitgedaagd moeten worden extra of optioneel materiaal aanbieden.’

Een 10 voor iedereen

Hoewel hij zichzelf omschrijft als een klassieke docent (‘Ik maak eigenlijk geen gebruik van nieuwe technieken of methoden in onderwijs’), is er één traditioneel element van onderwijs waar hij zonder zou kunnen. ‘Ik ben min of meer tegen het geven van cijfers. Studenten focussen zich daar soms iets te veel op. Als ze het idee hebben dat ze niet het hoogste cijfer kunnen halen, kunnen ze zich daar heel druk om maken. Dus als het zou kunnen, gaf ik om te beginnen iedereen al een 10. Dan maken ze zich geen zorgen meer over hun cijfer en kunnen ze gewoon leren wat ze willen leren.’

Gepubliceerd door  Faculteit Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica