Verborgen volkerenmoorden centraal in nieuw zomerprogramma

3 maart 2015

Wie de term genocide hoort, denkt al snel aan de Holocaust. Er vonden de afgelopen decennia echter nog talrijke andere volkerenmoorden plaats, die nauwelijks bij het grote publiek bekend zijn en die ook geen etiket ‘genocide’ opgeplakt hebben gekregen. Het zomerprogramma ‘Hidden genocides: Overshadowed by the Holocaust’ van de Universiteit van Amsterdam besteedt aandacht aan deze verborgen volkerenmoorden.

De term genocide en de definitie ervan zijn in 1943 geformuleerd door de Pools-Joodse jurist Raphael Lemkin, die daarbij de Armeense kwestie als voorbeeld nam, de massamoord op honderdduizenden (tot misschien wel een miljoen) Armeniërs in het Ottomaanse Rijk in 1915. Een van de belangrijkste kenmerken volgens Lemkin is de intentie tot het vernietiging van een volk of bevolkingsgroep.

Anthonie Holslag, programmacoördinator van het zomerprogramma ‘Hidden Genocides’ doet al jaren onderzoek naar bekende én minder bekende genocides overal ter wereld. Je zou hem een activistische onderzoeker kunnen noemen – in 2014 schreef hij een open brief naar beleidsmakers om de noodklok te luiden over de situatie in Noord-Irak. In die regio is al maanden een genocide gaande, en nu moet er iets gebeuren, betoogde Holslag in de brief, die inmiddels door meer dan tachtig genocide- en  mensenrechtenwetenschappers is ondertekend.
Holslag: ‘De wereld heeft een verantwoordelijkheid om in te grijpen bij genocide, lees de VN-resoluties er maar op na. Nu wordt er nog te vaak gesteggeld over de vraag of iets wel of geen genocide is.'

De definitie van genocide is vrij duidelijk. Toch zijn er aardig wat genocides die niet als zodanig erkend zijn of worden; dat is ook het onderwerp van het zomerprogramma. Hoe kan dat?

‘Of iets wel of geen genocide is, is een juridische beslissing. Onomstotelijk bewijs is daarvoor essentieel, en daar ontbreekt het vaak aan omdat het bewijsmateriaal wordt weggemoffeld. Er zijn nooit documenten te vinden met de handtekening van een regering waarin staat dat de staat tot doel heeft een bevolkingsgroep uit te roeien. Zelfs in nazi-Duitsland was zo’n document niet voorhanden. En dus moet je zoeken naar andere soorten bewijs – denk aan Treblinka. Daar was een zogenaamd station gebouwd, inclusief een echt perron, waar bij aankomst van de trein muziek te horen was. Na het verlaten van de trein moesten de zieken naar links en de gezonde mensen naar rechts. De zieken werden bij het verlaten van het perron doodgeschoten in een kuil, de gezonde mensen werden  direct naar de gaskamer geleid. Zulke zaken zijn een vrij helder bewijs voor de intentie om te doden. 
Bij andere genocides, zoals die door de Serviërs op de Bosniërs, is dat bewijs vaak veel lastiger terug te vinden. Toch zie je daar in elk geval heel duidelijk een aantal voorstadia van genocide, zoals de discriminatie en uitsluiting van bepaalde bevolkingsroepen en het inperken van hun rechten. Volgens de juridische definitie heten sommige gebeurtenissen daarom misschien geen genocide, volgens de sociaal-wetenschappelijke definitie  is er wel degelijk sprake van.’

FMG Hidden Genocides - portret Anthonie Holslag

Anthonie Holslag: 'Dit programma kun je niet volgen zonder dat het je raakt' Foto: UvA

Welke verborgen volkerenmoorden zijn er zoal?

‘Dat zijn er heel veel. Neem de genocide in Burundi in 1972 – toen waren de Hutu’s het slachtoffer van massamoorden gepleegd door de Tutsi’s. Of de drie huidige brandhaarden in Afrika: Centraal-Afrikaanse Republiek, Zuid-Soedan, het Congo-gebied. Bij al deze volkerenmoorden zien we dezelfde, door Gregory H. Stanton (Genocide Watch) beschreven fases terugkeren: eerst het benoemen van volkeren of bevolkingsgroepen als ‘anders’, dan de stigmatisering, dan het discrimineren, uitsluiten en uiteindelijk het elimineren van die groepen. In het boekHidden Genocides, waarnaar ons zomerprogramma is genoemd, staan er ontelbare genoemd. De auteur van het boek, Alexander Hinton (tevens directeur van Center for the Study of Genocide and Human Rights in Newark) is een van de docenten van het zomerprogramma.’

Bij genocide rijst vaak de vraag: hoe heeft het zo ver kunnen komen? 

‘Daar moeten we nog heel veel onderzoek naar doen: hoe ontstaan genocides, hoe herken je de voortekenen, wat zijn de overeenkomsten en verschillen? We weten al wel het een en ander, zoals bijvoorbeeld dat niet een gevoel van superioriteit, maar van inferioriteit een rol speelt: een volk voelt zich bijvoorbeeld ‘slachtoffer’ en krijgt steeds meer behoefte om zijn eigen identiteit te (her)vinden. Daarbij is een ander volk nodig dat stelselmatig als ‘anders’ en ‘minder’ wordt omschreven. De ‘anderen’ worden gedehumaniseerd, met uiteindelijk uitroeiing tot gevolg.’

Een verdrietig stemmend thema.

‘Genocide is voor nabestaanden en betrokkenen absoluut uitermate schokkend en ingrijpend. Twee experts op het gebied van traumaverwerking in oorlogsgebieden komen hierover college geven. Onder hen is Devon Hinton, Associate Clinical Professor of Psychiatry aan Harvard, een van de grootste namen op dit gebied.
We realiseren ons dat emoties bij studenten ook een rol spelen. Daarom besteden we daar in het summer programme specifiek aandacht aan. We vragen studenten een blog bij te houden waarin ze hun gevoelens beschrijven over wat ze tijdens het programma lezen, horen en zien, en we praten er tijdens de colleges over. Dit programma kun je niet volgen zonder dat het je raakt.’

Gepubliceerd door  Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen