28 augustus 2026
In het interdisciplinaire keuzevak Bridges, not Walls: Dialogue in Times of Polarisation leer je niet hoe je een discussie wint, maar hoe je kunt voorkomen dat je automatisch in de verdediging schiet. Je leert ruimte te maken voor het perspectief van de ander én voor je eigen reactie, juist wanneer een gesprek spannend wordt.
Voor antropologiestudent Daan was juist dat laatste een verrassing. “Dit is een vak dat je niet alleen voor je studie volgt, maar ook voor jezelf.”
Een vak dat dichterbij komt
Daan koos het vak omdat hij geïnteresseerd is in mediation en graag met mensen werkt. Hij verwachtte vooral praktisch met conflicten aan de slag te gaan, maar ontdekte al snel dat dialoog iets anders is:
Dialoog gaat niet zozeer over wat mensen vinden of hoe je een conflict oplost. Het gaat om een andere manier van kijken, dat je kunt accepteren dat de ander zo denkt.
Onder begeleiding van docent Judith van den Boogert duiken studenten in de theorie achter conflict en polarisatie, maar vooral in de praktijk. Ze oefenen met het voeren van veilige dialogen, ontwerpen en faciliteren zelf een dialoog over een maatschappelijk beladen thema en reflecteren op wat ze onderweg leren – over de ander én zichzelf.
Daarbij werken ze aan verschillende Inner Development Goals, zoals empathie, moed en vertrouwen. Niet als eigenschappen die je aan het einde van het vak ‘hebt’, maar als vaardigheden die je steeds opnieuw oefent en verdiept.
De mens achter de mening
Een oefening uit een van de eerste lessen bleef Daan bij. Studenten deelden een jeugdherinnering waarin ze zich prettig of gelukkig hadden gevoeld.
“Eerst dacht ik: leuke vraag, maar wat gaan we hiermee leren?” Al snel werd duidelijk wat de oefening teweegbracht. “Je zag hoe mensen zich kwetsbaar opstelden en glunderden bij het vertellen over wat ze hadden meegemaakt. Daarna voelde je je meteen veel meer met elkaar verbonden en luister je anders naar wat iemand zegt, omdat je diegene als persoon ziet.”
Dat veranderde zijn kijk op meningsverschillen. “Je bent een mens en hebt bepaalde ideeën, maar die ideeën staan niet gelijk aan wie je bent als persoon.”
Dat besef veranderde ook hoe Daan zelf reageert in een discussie. “Ik ging vroeger makkelijker en sneller een discussie aan, omdat ik iemand identificeerde met wat diegene zei. Nu probeer ik eerst naar de persoon te kijken.”
Ruimte maken voor verschil
De kern van dialoog is volgens Daan niet dat je het met elkaar eens wordt, maar dat je ruimte maakt voor verschillende perspectieven. Ook als dat betekent dat je zelf een stap terug moet doen.
“Het is heel belangrijk om bewust ruimte te creëren waarin mensen zich op hun gemak voelen en zich niet bezwaard voelen om iets te zeggen, ook als iemand ertegenin gaat.”
Tijdens het vak ontdekte Daan ook iets over zichzelf. In groepsopdrachten neemt hij van nature gemakkelijk ruimte in: hij heeft veel ideeën en deelt die graag. Tijdens het voorbereiden van een dialoog zag hij een medestudent die juist iedereen aan het woord liet, ook degenen die uit zichzelf minder snel iets zeggen. “Ik merkte dat juist die stemmen tot goede ideeën kwamen. Dat heeft me zeker iets geleerd over mijn eigen positionaliteit.”
Sindsdien probeert hij bewuster te luisteren, ook wanneer hij het ergens absoluut niet mee eens is. “Ik voel nog steeds de impuls om meteen te reageren. Maar daar schiet je niet altijd meteen iets mee op.”
Voor Daan is dat een van de belangrijkste lessen van het vak: een dialoog voeren betekent niet dat je je eigen overtuigingen moet loslaten, maar dat je niet automatisch vanuit die overtuiging hoeft te reageren.
De basis voor een goed gesprek
Binnen het vak komen studenten met verschillende achtergronden samen, van antropologie en geschiedenis tot psychologie, neurobiologie en bewegingswetenschappen. Juist die verschillen maakten de gesprekken interessant.
“Het maakt niet uit welke studie je doet,” zegt Tonko. “Het gaat gewoon om hoe wij als mensen met elkaar omgaan.”
Volgens Tonko begint een goede dialoog bij het creëren van een gezamenlijk fundament. “Het begint met afspraken maken, en dat doe je binnen een universitaire omgeving bijna nooit. Mensen gaan er vanuit dat bepaalde normen en waarden vanzelfsprekend zijn.”
Daarom stelde de groep aan het begin van het vak samen een gedragscode op: laat elkaar uitspreken, respecteer een ander perspectief, ook als je het er niet mee eens bent, en stel je eigen vooroordelen uit.
Die afspraken vormen gedurende het vak een gezamenlijk fundament waarop studenten kunnen terugvallen wanneer een gesprek spannend wordt.
Wanneer dialoog omslaat in discussie
Een groepsopdracht rond onderhandelen maakte voor Tonko letterlijk voelbaar hoe groot het verschil kan zijn tussen een dialoog en een discussie. In een kleine groep bespraken studenten eerst een moreel vraagstuk. Iedereen luisterde naar elkaar en probeerde te begrijpen waarom iemand een bepaalde keuze maakte.
Je komt er dan achter waar iemand waarde aan hecht. En dat is niet goed of slecht, het is gewoon hoe het is.
Maar zodra Tonko als vertegenwoordiger van zijn groep in een grotere kring kwam om tot consensus te komen, sloeg de sfeer bijna onmiddellijk om. In de kleine groep was er ruimte voor verschillende opvattingen, maar zodra het doel verschoof naar het bereiken van een gezamenlijk standpunt, verdween die ruimte vrijwel direct. “Binnen tien seconden was het: ‘ja maar wij vinden dit, en dat doen we zo’. De toon werd heel anders.”
Hij herkende daarin het mechanisme van polarisatie. “Het was zo'n groot contrast tussen die verschillende opvattingen, dat werd me heel duidelijk.” Tonko merkte de omslag zelfs lichamelijk: “Ik voelde mijn energie echt zakken. Je bent dan rigide aan het praten zonder dat je opschiet in het begrijpen van de ander met empathie of compassie.”
Voor hem werd daarmee duidelijk dat dialoog niet alleen iets is wat je met je hoofd doet; ook je lichaam en je emoties spelen een rol. De veilige sfeer die de groep eerder had opgebouwd, hielp om met die frictie om te gaan.
“Je kunt wel frictie ontdekken, maar als het geen veilige sfeer is dan schiet het niet op. Daarom moet je altijd kunnen verwijzen naar: we hebben dit en dit afgesproken, we merken dat het ontspoort, laten we even stilstaan.”
De kracht van vertragen
Vertragen is dan ook een belangrijk onderdeel van het vak. Soms betekent dat letterlijk even niets zeggen.
Tonko wijst op hoe ongebruikelijk dat is, juist in de academische wereld:
“We leren meestal dat je moet blijven nadenken en jezelf zo sterk mogelijk moet profileren, bijvoorbeeld in een debat. Maar als je alleen maar doorgaat zonder even stil te staan bij wat er zojuist is gebeurd, en die stilte te laten zijn voor wat het is, blijf je op het oppervlak. Een stiltemoment van een minuut of twee maakt al een wereld van verschil.”
Ook dat wordt geoefend binnen Bridges, not Walls: ademhaling, stilte en andere somatische oefeningen helpen om niet automatisch vanuit een eerste impuls te reageren.
Eerst opmerken wat er in jezelf gebeurt, en dan pas kiezen hoe je wilt reageren.
Wat het vak teweegbrengt
Wat begon als een keuzevak, heeft voor beide studenten invloed gehad op hoe ze naar zichzelf en anderen kijken.
Daan noemt het “by far het coolste vak” dat hij heeft gevolgd. In het dagelijks leven merkt hij dat hij nu minder snel een discussie aangaat en bewuster luistert naar wat iemand beweegt.
“Ik probeer bewuster te zijn: waarom zegt iemand dit eigenlijk? En ik probeer de ander als mens te zien, niet alleen als iemand die iets zegt waar ik het wel of niet mee eens ben.”
Ook Tonko merkt het in gesprekken met vrienden en familie en op sociale media. “Dit vak was echt een openbaring. Ik heb geleerd om in de dagelijkse gesprekken en interacties even stil te staan bij hoe ik me tot anderen verhoud. Wat gebeurt er, waarom reageer ik zo, en heeft het zin om hierop in te gaan? Ik voel daardoor veel minder de behoefte om erin mee te gaan.”
Diezelfde nieuwsgierigheid brengt hij nu ook mee in hoe hij naar anderen kijkt. Iemand die onaardig reageert, hoeft immers niet per se boos op jou te zijn. Misschien speelt er iets anders, of wil die persoon vooral gehoord worden.
“Dat ik nu naar iemand kan luisteren en me bewust word van mijn eigen vooroordelen, hoe mijn brein impulsief wil reageren en hoe dat tot onnodige spanning kan leiden, en vanuit daar bewuster kan kiezen hoe ik een gesprek aanga, dat is zo ontzettend waardevol.”
Voor Daan is het vak bijzonder relevant in een tijd waarin maatschappelijke polarisatie steeds zichtbaarder wordt. “Op school en op de universiteit leer je vaak vooral discussiëren. Dit is een andere manier om met elkaar in gesprek te gaan. En als je echt voor oplossingen op de lange termijn wilt gaan, levert dialoog veel meer op.”
Tonko fantaseert ondertussen al over het verplicht maken van het vak: “Het zou heel goed zijn als meer mensen dit zouden leren. Als iedereen Bridges, not Walls voor twee maanden zou volgen, hoe zou dat de academische wereld veranderen, of de gesprekken met iemand met wie je het oneens bent?”
Bridges not Walls: Dialogue in Times of Polarisation wordt in februari 2027 voor de derde keer aangeboden als interdisciplinair keuzevak van het Instituut voor Interdisciplinaire Studies, te volgen voor UvA-bachelorstudenten, professionals en bijvakstudenten.
Dit vak is onderdeel van het Empowered Minds-project om affectief leren breed te verankeren in de onderwijsprogramma’s aan de UvA. Docent Judith van den Boogert ontwikkelde op basis van het vak ook de tool The Volcano of Change voor de Transition Makers Toolbox. Deze tool stimuleert een dialoog over persoonlijke en collectieve gedachten, emoties en interpretaties.